Coronacrisis inspireert tot gerichte om- en bijscholing naar banen van toekomst

Het aanleren van nieuwe skills voor banen van de toekomst middels online bijscholing zit in de lift. Populaire richtingen voor om- en bijscholing zijn onder andere: data analist, software developer, IT-administrator, grafisch ontwerper en klantenservice medewerker. Dit ligt in lijn met de groeiende vraag naar digitale skills op de arbeidsmarkt. Dit blijkt uit data van Microsoft en LinkedIn.

De groeiende behoefte aan bij- en omscholing voor kansrijke banen vertaalt zich ook naar een switch in sectoren. Het afgelopen jaar is bijna de helft (48%) van de banen in Nederland ingevuld door werknemers die naar een bedrijfstak of functie overstapten waar ze nog geen eerdere ervaring in hadden. Uit data van LinkedIn blijkt dat er in Nederland het afgelopen jaar veel vraag was binnen sectoren als onderwijs en gezondheidszorg. Opvallend is de stijging in e-commerce en klantenservice: Nederlandse bedrijven reageren op de trend van thuiswerken en thuisblijven door hierin te investeren. Zo staat het banenaanbod binnen klantenservice op drie in de top 15 met een groei van meer dan 31% in het afgelopen jaar.

De top 5 snelst groeiende banen in Nederland:

1.    Onderwijs gerelateerde banen.
2.    Gespecialiseerde medische specialisten.
3.    Klantenservice medewerkers.
4.    E-commerce specialisten.
5.    Ondersteunend zorgpersoneel.


Bron: HR-praktijk.

Zo voorkom je rug- en nekklachten bij langdurig thuiswerken

Als er iets is waar het lijf van gaat protesteren, is het wel uren achter elkaar werken op de laptop aan de keukentafel. Wat kun je doen om nek- en schouderklachten te voorkomen? En wat heb je nodig om een ergonomisch verantwoorde werkplek te maken in huis?

Nu thuiswerken opnieuw de norm is geworden, ondervinden velen de nadelen aan den lijve. In december signaleerden fysiotherapeuten wederom een toename van het aantal nek- en schouderklachten, net als tijdens de eerste lockdown. Hoewel deze klachten (nog) niet zijn terug te zien in cijfers over ziekteverzuim, lijkt het aannemelijk dat ze het verloop van de pandemie volgen, zegt ergonoom Erwin Speklé van Arbo Unie.

"Nek- en schouderklachten vallen onder de parapluterm RSI en kunnen door meerdere factoren worden veroorzaakt, zoals een verkeerde werkhouding en een gebrek aan afwisseling tijdens het werken. Een tijdje thuiswerken op een suboptimale werkplek is niet zo'n probleem, maar als het langer aanhoudt, krijgen mensen er last van."

Ook Henk van der Molen van het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) ziet signalen dat thuiswerken tot meer nek- en schouderklachten leidt. "Aandoeningen als een tenniselleboog of een nekhernia beginnen vaak als 'gewone' nek- en schouderklachten. Het is belangrijk om die serieus te nemen. Pijn is altijd een signaal dat er iets aan de hand is."

Te hoge tafel en te lage stoel

Een ontspannen werkhouding staat en valt met een goede werkplek, die grotendeels wordt bepaald door tafel en stoel. Thuiswerkers zonder apart bureau zitten meestal aan de eettafel. Aan een te hoge tafel worden, zeker in combinatie met een lage stoel zonder armleuningen, de armen opgetrokken, wat de nek- en schouderspieren belast.

In principe zou elke thuiswerker een goede stoel en tafel moeten hebben, vindt Speklé. "Als dat niet kan, bijvoorbeeld door ruimtegebrek, kun je proberen de zithouding te verbeteren. Het liefst doe je dat met een in hoogte verstelbare bureaustoel met armleuningen. Wanneer je die niet hebt en de tafel te hoog is, kun je eventueel een voetensteun en kussens gebruiken om de zithoogte aan te passen."

'Mensen maken de bestanden op het scherm te klein'

Schermgrootte en -hoogte zijn minstens even belangrijk. Speklé: "Mensen die graag veel informatie tegelijk op het scherm hebben, maken de bestanden te klein, zeker op een laptopscherm. Dan buigen ze hun bovenlichaam en hoofd voorover om het toch nog te kunnen zien, waardoor ze pijn in hun nek en rug kunnen krijgen."

Bij een laptop heb je óf het toetsenbord op de juiste afstand en het scherm te dichtbij, óf het scherm op goede afstand en het toetsenbord te ver weg. Een los toetsenbord en een losse muis zijn dan ook een must volgens Speklé. Als je een klein scherm hebt, kun je de laptop vervolgens op een verhoging zetten. Te veel naar beneden kijken veroorzaakt namelijk een gespannen nek en vermoeide ogen.

Paar maanden uit de running

Als de werkplek goed is ingesteld, is het belangrijk dat hij goed wordt gebruikt. Vermijd een al te actieve werkhouding, waarbij het bovenlichaam naar voren leunt. En zorg voor voldoende afwisseling en ontspanning.

Een vuistregel is dat je maximaal drie kwartier aaneengesloten achter een beeldscherm zit. Voor wie dat moeilijk vindt, heeft Speklé wat regeltjes. "Sta op en loop rond als je een telefoontje krijg. Beantwoord appjes staand. En als je het lastig vindt om werk te onderbreken, kies dan voor pauzesoftware."

Voorkomen is echt veel beter dan genezen, vult Van der Molen aan. "Beginnende klachten trekken na een paar dagen rust weer weg. Als ze opbouwen tot een aandoening, duurt herstel veel langer. Met een tenniselleboog ben je makkelijk een paar maanden uit de running."

Bron: nu.nl

Last met loskomen van werk? Vind een hobby: 'Het is een soort mindfulness'

Na een lange dag werken óók nog een hobby beoefenen? Wie de juiste bezigheid vindt, kan er wel degelijk wat aan hebben. Maar dan moet het vooral geen 'moetje' zijn.

Drukke mensen lijken gek genoeg de meeste tijd te hebben voor een hobby: Bill Gates van Microsoft leest jaarlijks een enorme stapel boeken. Tesla-oprichter Elon Musk twittert over zijn verzameling vinylplaten die hij graag beluistert onder het genot van een glas rode wijn. En oud-talkshowhost Oprah Winfrey gaat de natuur in om te kamperen.

Het hebben van een hobby klinkt voor veel mensen wellicht wat ouderwets; het woord roept al snel associaties van postzegelverzamelingen of het sparen van voetbalplaatjes op. Maar die ontspanning is juist iets dat veel volwassenen goed kunnen gebruiken.

Wie denkt dat televisiekijken ook voor ontspanning zorgt, heeft slechts deels gelijk. Want hoe aantrekkelijk het ook is om na een drukke werkdag op de bank te ploffen voor de televisie, het programma bepaalt of je hersenen zich kunnen ontspannen, legt hoogleraar klinische neuropsychologie Margriet Sitskoorn uit.

"Kijk je graag naar Goede Tijden, Slechte Tijden, dan is dat een passieve manier van ontspannen die weinig voor je hersenen doet. Kijk je een interessante documentaire, dan activeert dat je hersenen, net als een goed boek."

Hersenen nemen informatie op

Door je aandacht sterk te focussen tijdens het uitoefenen van je hobby, kom je in een bepaalde flow terecht. "Je bent dan heel erg aandachtig bezig, zonder gestrest te zijn. Dat is voor de hersenen een goede toestand om informatie op te nemen en te verwerken', aldus Sitskoorn. Of je hobby dan vissen, borduren of sporten is, maakt volgens haar niet uit. "Zolang je maar enkel met je gedachten bij je hobby bent." Wel is het zo dat een sport of een andere hobby waarbij je veel beweegt, extra goed is voor het stimuleren van je brein.

Je aandacht even vestigen op niets anders dan hetgeen je aan het doen bent: op de werkvloer, met constante afleiding, zouden we er soms een moord voor doen. Het was precies de reden dat Rose van der Laan, werkzaam in de reclamesector, een tijdje pottenbakken probeerde. "Ik vond het leuk om een nieuwe vaardigheid te leren en alleen maar met de klei bezig te zijn. Je bent vanuit je hoofd iets aan het maken, maar als je even afgeleid raakt of aan iets anders denkt, mislukt het. Dan kun je weer opnieuw beginnen."

Verval van hersenen tegengaan

Het leren van nieuwe dingen is volgens Sitskoorn een ander voordeel van het hebben van een hobby. "Door constant te oefenen, word je beter. Je test daarmee de neuroplasticiteit van je hersenen, waardoor je nieuwe verbindingen legt. Dat gaat het verval van je hersenen wat tegen."

an der Laan vond het uiteindelijk te veel moeite om aan een totaal nieuwe hobby te beginnen. "Natuurlijk word je met de tijd beter, maar voordat je daar bent, moet je veel geïnvesteerd hebben." Nu grijpt ze vaker terug naar een oude hobby: tekenen. "Als ik dat doe, is m'n hele hoofd leeg. Het is een soort mindfulness voor mij, waarbij ik wel over andere dingen nadenk, maar me nooit gestrest voel." Ander groot voordeel? Ze kan het aan haar eigen keukentafel doen. "Daardoor is de drempel lager om weer te beginnen."

Ook in haar werk merkt Van der Laan dat haar hobby goed van pas komt. "Ik werk in de reclame, waar je een concept vertaalt in beeld. Toch ben ik nu veel tijd kwijt aan sales, en merk ik dat ik zo toch mijn creativiteit kwijt kan." Die creativiteit gebruikt ze op haar beurt weer in het bedenken van nieuwe concepten op werk. "Zo komen mijn hobby en werk samen."

Niet alles hoeft nut te hebben

Hoogleraar Sitskoorn noemt dit een mooi bijeffect van het hebben van een hobby: je bekwaamt je in iets waar je plezier in hebt én waar je op je werk iets aan hebt. "Zo kan een nieuwe taal leren of vrijwilligerswerk doen heel ontspannend zijn, terwijl je er ook eigenschappen bij opdoet die voor je werk nuttig zijn."

Maar het moet nooit een vereiste zijn dat je hobby nut heeft, benadrukt ze. "Zodra je hobby niet meer ontspant en er dingen moeten, is het niet echt een hobby meer. Ga je er te veel in op, dan is het óf je baan, óf een verslaving. Niet alles hoeft dus nut te hebben.'

Bron: Nu.nl

Minder ziekmeldingen in vierde kwartaal, maar verzuimduur neemt toe

Na een piek in september, registreerde Arbo Unie een daling van het aantal ziekmeldingen in oktober en november. Hoewel het in december weer wat toeneemt, blijft het aantal ziekmeldingen in het vierde kwartaal substantieel lager dan normaal in deze tijd van het jaar. Het aantal verzuimdagen neemt relatief minder af, een teken dat de verzuimduur gemiddeld toeneemt. Zo duurt verzuim na corona in één op de vijf gevallen hardnekkig lang.

Met name in de zorg blijft het verzuim onverminderd hoog. In deze sector is de werkdruk en de mentale belasting extra hoog vanwege COVID-19 en dat maakt re-integratie moeilijk.

Verzuim met COVID-klachten valt in de meeste gevallen mee, maar kan bij een enkeling hardnekkig lang duren. “De meeste werkende mensen hebben na een COVID-besmetting milde klachten en zullen hooguit een paar dagen of een week ziek zijn. Van de mensen die langer ziek blijven is de gemiddelde verzuimduur 55 dagen. Tachtig procent is binnen drie maanden weer volledig aan het werk. Twintig procent houdt na een COVID-19 besmetting hardnekkige klachten van kortademigheid en vermoeidheid, wat maakt dat ze niet of deels kunnen werken. De helft van deze mensen is na 200 dagen nog niet volledig hersteld”, aldus professor Corné Roelen, bedrijfsarts en hoogleraar Verzuim en Werkfunctioneren.

Somberheid en verzuim

“Toch is niet COVID-19 maar met name het aantal mensen met psychische klachten als gevolg van de COVID-situatie zorgelijk als het om verzuim gaat”, zegt Roelen. “Mensen zijn somber gestemd over de COVID-situatie. De aangescherpte lockdown beperkt mensen nog meer in hun vrijetijdsbesteding en sociale activiteiten. Ook in de werkomgeving ontbreekt het velen al geruime tijd aan sociale contacten. Dit zorgt ervoor dat mensen minder goed in hun vel zitten en dat heeft direct ook gevolgen voor de werksituatie. Mensen kunnen minder goed functioneren in hun werk”, merkt Roelen in zijn spreekuurcontacten. Het feit dat de scholen weer dicht zijn tot medio januari is een bijkomende belasting voor mensen met schoolgaande kinderen.

Preventieve coaching

Er zijn oplossingen voor dreigende overbelasting, zelfs voor thuiswerkers die sociaal contact met collega’s en de werksfeer moeten missen. Roelen: “Samen met je collega’s prioriteiten stellen en in goed overleg de werktaken verdelen maakt dat mensen gezond met werkdruk kunnen omgaan. Zorg er ook voor dat je het werk goed verdeelt over de dag, met voldoende rustmomenten voor jezelf.” Verder pleit Roelen voor preventieve psychosociale coaching voor werkende mensen die door een verstoorde werk/privé balans psychisch in de knoop komen.

Ziekteverzuim op hoogste punt in zeventien jaar

Het ziekteverzuim in de eerste drie kwartalen van dit jaar ligt met 4,7 procent op het hoogste punt sinds 2003. Dat blijkt maandag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Vooral het verzuim in de horeca was dit jaar tot dusver hoger dan in eerdere jaren.

Vorig jaar lag het gemiddelde ziekteverzuim in de eerste drie kwartalen nog op 4,3 procent. De uitbraak van de coronapandemie lijkt een logische verklaring voor de stijging dit jaar, maar het CBS heeft hier geen onderzoek naar gedaan en doet daarom geen uitspraak over de oorzaak.

In het derde kwartaal lag het ziekteverzuim op 4,4 procent. Dat was vorig jaar in het derde kwartaal nog 4,0 procent. In vrijwel alle bedrijfstakken was het verzuim tussen begin juli en eind september hoger dan vorig jaar. Bij diverse overheidsdiensten was het juist lager, onder meer in het onderwijs en in het openbaar bestuur.

In de zorg is het verzuim juist gestegen, van 5,2 procent in het derde kwartaal van vorig jaar naar 5,9 procent in dezelfde periode dit jaar. Vooral bij verpleeg- en ver­zor­gings­te­huizen waren er veel ziekmeldingen: 7 procent. Daarmee is het de sector met het meeste verzuim.

De horeca en landbouw hebben normaal gesproken een klein aantal ziekmelders, maar in het derde kwartaal van dit jaar was er juist bij hen sprake van een flinke toename. Zo steeg het verzuim bij horecabedrijven, die in het derde kwartaal allemaal open waren, van 2,6 naar 4,1 procent. In de landbouw steeg het verzuim van 2,6 naar 4,1 procent. Ook bij onder meer kappers, sauna's en zwembaden meldden meer personeelsleden zich ziek.

Bron: Nu.nl

Hoe geef je nu echt inhoud aan duurzame inzetbaarheid?

Van 23 t/m 27 november 2020 is het de Week van de Duurzame Inzetbaarheid. Een thema waar landelijke aandacht voor gevraagd wordt. Titus Kramer, CEO van onder meer arbodienst Capability en van Qragt, deelt in dit artikel zijn visie. Volgens hem is het de hoogste tijd om duurzame inzetbaarheid echt concreet te gaan maken om te voorkomen dat werknemers in de ‘verzuimfuik’ zullen belanden

Kramer: “Iedereen die een beetje thuis is in de arbodienstverlening of die werkzaam is op het gebied van HRM, kent de term ‘duurzame inzetbaarheid’. Een pracht van een containerbegrip dat nu enkele jaren in vrijwel iedere brochure van een arbodienst of aanverwante dienstverlener is terug te vinden.

Gaan we echter op zoek naar de inhoud van dit begrip, dan blijkt het behoorlijk leeg te zijn. Dit heeft volgens mij alles te maken met het feit dat de hulp van een arbodienst over het algemeen pas wordt ingeroepen op het moment dat het kalf al half verdronken is. Dat wil zeggen op het moment dat de verzuimmelding al is gedaan.

Op de gevallen na dat een verzuimmelding voortkomt uit een onvoorziene en niet beïnvloedbare gebeurtenis van buiten (een griep, corona, een gebroken been of nog erger), is een verzuimmelding veelal het gevolg van een sluipend proces. Langdurige overbelasting, onvoldoende bekwaamheid voor de hem of haar toegedichte functie, een slechte relatie met directe collega’s of leidinggevenden, dan wel financiële problemen, relatieproblemen, of kinderen of andere dierbaren waarmee iets aan de hand is, leiden uiteindelijk tot een verzuimmelding. Dat is de ‘verzuimfuik’ die we met elkaar hebben gecreëerd in dit land.

In de gevallen zoals geschetst moet je namelijk wel heel stoer zijn om dit tijdig aan te kaarten bij je leidinggevende of werkgever. Dat doe je niet zo maar, want vaak ontbreekt het gevoel van veiligheid om je kwetsbaar op te durven stellen. Je bent bang om niet serieus te worden genomen, of om je baan kwijt te raken. Daarom ploeteren mensen door tot ze echt niet meer kunnen en ‘op’ zijn, waarna de verzuimmelding volgt en er als oorzaak een volgend containerbegrip op de kwaal wordt geplakt: burn-out. Want daar scharen we dit soort verzuim gemakshalve vaak onder.

Wil je iets aan duurzame inzetbaarheid doen, dan ligt de uitdaging erin te zorgen dat mensen zich veilig genoeg voelen om hun problemen te delen nog voordat het ze teveel wordt. Als dat lukt, dan zijn we als BV Nederland spekkoper, want dan kunnen we echt iets doen aan duurzame inzetbaarheid.

Het draait in feite allemaal om preventie. Een mooie manier om dat voor elkaar te krijgen zou zijn als werkgevers zich gaan realiseren dat zij een morele verantwoordelijkheid hebben om zich niet alleen betrokken te voelen bij werknemers gedurende de acht uur dat zij in dienst zijn, maar ook gedurende die andere zestien uur van de dag. Als je als werkgever namelijk bereid bent te investeren in het welzijn van je werknemers, zonder daar direct, tastbaar, in geld vertaalbaar resultaat voor terug te willen zien, dan geef je echt inhoud aan duurzame inzetbaarheid. Het is dan geen containerbegrip meer, maar iets concreets wat vorm heeft gekregen binnen het bedrijf.

Een van de manieren om dat te doen, en misschien wel dé manier, is om als werkgever te investeren in een externe vertrouwenspersoon waar werknemers terecht kunnen met hun problemen, of die nu zakelijk of persoonlijk van aard zijn. Betaald door de werkgever en in alle veiligheid, omdat datgene wat de werknemer bij de vertrouwenspersoon neerlegt, binnenskamers blijft. En laat die externe vertrouwenspersoon nu eens geen huisarts of bedrijfsarts zijn, want voor we het weten zijn we weer aan het onnodig medicaliseren.

Als werknemers weten dat zij ergens terecht kunnen met hun problemen zonder eerst een verzuimmelding te doen zal zich dat uiteindelijk terugbetalen. Die externe vertrouwenspersoon is degene die werknemers bij staat met raad en daad, de weg wijst in een wereld die voor veel mensen steeds ingewikkelder wordt. Als tussen werknemer en vertrouwenspersoon het gevoel van veiligheid bestaat, ontstaat er ruimte om op enig moment met de werkgever aan tafel te gaan om meer ingewikkelde problematiek, die vaak ook meer kosten met zich meebrengt, bespreekbaar te maken.

In een arbeidsmarkt waar de spanning tussen vraag en aanbod snel oploopt, en die geteisterd wordt door vergrijzing, zijn werkgevers het aan zichzelf verplicht om in preventie en werknemers te gaan investeren. Dat is de enige manier om echt vorm en inhoud te geven aan duurzame inzetbaarheid.

Titus Kramer is CEO van de Galliata Groep, waar Qragt, Capability en Ephecta deel van uitmaken.

Bron: Qragt.nl

'Nieuwe arbo-richtlijnen nodig vanwege thuiswerken'

Thuiswerken zorgt voor meer stress onder werknemers dan tijdens de eerste lockdown dit voorjaar. Om de gevolgen hiervan in te dammen moeten er nieuwe extra arbo-richtlijnen komen. Dat bepleit prof. dr. Willem van Rhenen, stress expert bij Arbo Unie.

"Als we niet oppassen krijgen we te maken met de gevolgen van al die opgebouwde stress, fysieke ongemakken en werkzingevingsvraagstukken," waarschuwt Van Rhenen. Dat thuiswerken voor veel mensen meer stress oplevert, blijkt uit de Nederlandse Thuiswerk monitor van Arbo Unie onder circa 2500 werknemers in verschillende sectoren. Een kwart van de mensen geeft aan een sterke stressbeleving te hebben. De tweede semi-lockdown waar we in zitten, wordt gemiddeld ook veel negatiever ervaren dan de eerste. Dat heeft te maken met de hogere intensiteit en het gebrek aan onderbreking en dus herstel- en oplaadmomenten. Het contact met collega’s wordt het meest gemist. Uit de monitor blijkt ook dat bewegen en ontspannen bij de helft onder druk staat.

Van Rhenen pleit daarom voor nieuwe richtlijnen binnen de arbowetgeving. "Dan moet je denken aan minimale tijd voor sociale verbinding met collega’s, maximale online vergadertijd, thuiswerkvergoedingen, thuiswerkplekchecks op de juiste werkhouding. Maar ook vaste momenten online met de leidinggevende. Thuiswerken zal steeds meer de norm worden. We staan voor een enorme uitdaging om meerdere aspecten van werken en samenwerken opnieuw te definiëren. Hoe geef je online leiding, hoe onderhoud je de verbinding met medewerkers, hoe introduceer je nieuwe medewerkers?"

Contact met leidinggevende

Het sociale aspect van werk moet volgens Willem van Rhenen niet worden onderschat. "Het praatje bij het koffieapparaat, gezamenlijk lunchen, dat soort sociale momenten leveren werknemers energie. En het is juist die energie die essentieel is bij het omgaan met problemen en daarmee het voorkomen van stress. We merken ook dat werkgevers het lastig vinden om de goede verbinding te houden met hun werknemers en vice versa. Sommige werknemers die we spreken hebben helemaal geen contact meer met hun leidinggevende. De coronacrisis zal eindigen, maar het gedeeltelijk thuis en online werken is pas net begonnen. Het is afwachten hoe de gemoedstoestand van werknemers zich dan zal houden. Ik verwacht dat deze crisis ook voor werkend Nederland nog een lange tijd zal na-ijlen."

Bron: HR praktijk

Werkstress cijfers: extremere pieken

Het is de week van de werkstress 2020, en juist nu, in de 2e coronagolf, neemt de beleving van werkstress en ontevredenheid toe onder medewerkers en managers. Dat tonen de wekelijkse enquêteresultaten van meer dan 50 Nederlandse organisaties en 3500 professionals.

De extremere pieken worden veroorzaakt door stressoren zoals werkdruk en een verstoorde werk/privé-balans. Maar de data tonen ook onze energiebronnen, relaties met collega’s spannen daarbij de kroon.

Alle cijfers, trends en aanbevelingen worden uitgelicht in het Werkstress data rapport van 2DAYSMOOD. Dat is hier te downloaden. In dit artikel lees je een samenvatting van de belangrijkste lessen uit het data rapport.

Inzichten uit het werkstress data rapport

“Al eerder dit jaar zagen we een flinke uitschieter van negatieve emoties onder werkenden. Organisaties moesten na de uitbraak van het coronavirus snel schakelen om te overleven en medewerkers op afstand te verbinden. Dat lukte aardig. Maar nu we langdurig in deze crisis zitten is de rek van het verplichte thuiswerken er voor veel werkenden uit. De saamhorigheid en veerkracht nemen af en de werkdruk lijkt alleen maar toe te nemen. Positieve energie van medewerkers verandert daardoor in negatieve energie: werkstress. We komen zelfs in de gevarenzone als het gaat om burn-outs. Hoog tijd dus om onze energiebronnen aan te vullen en met behulp van deze waardevolle inzichten werkstress weer om te zetten in werkgeluk!” Aldus Martin Meulenkamp, CEO en HR expert bij 2DAYSMOOD.

1.     Stijgende stress en ontevredenheid brengen ons uit balans

Vergeleken met 2019 bestaat het stemmingsbeeld van werkenden in 2020 uit pieken van werkstress en ontevredenheid, en dalende bevlogenheid.

We zien dus dat met name de positieve energie negatief wordt. In drie maanden (aug-okt) stijgt stress met 7% en daalt bevlogenheid met 6%. Ook ontevredenheid stijgt in 2020 met 7%, waardoor we een 50/50 verhouding van positieve en negatieve stemmingen naderen. Idealiter is die 75% positief en 25% negatief, in die balans functioneren teams het best.

2.     Managers tonen meer veerkracht dan medewerkers

Het werkgeluk van zowel managers als medewerkers daalt in de tweede coronagolf binnen anderhalve maand met zo’n 10%. Wat opvalt na deze daling, is dat managers sneller en krachtiger terugveren naar hun normale niveau van werkgeluk (73%). Medewerkers blijven daarentegen hangen op 57%.

3.     De grootste stressoren en energiebronnen in 2020

Hoe tevreden zijn medewerkers over de factoren in hun werkomgeving en hoe belangrijk vinden ze die voor hun werkgeluk? Door de scores op die vragen tegenover elkaar te zetten (een match of mismatch) komen energiebronnen en stressoren aan het licht. Zo is ‘werk-privé balans’ de nummer één stressor in 2020. Medewerkers vinden dit thema zeer belangrijk voor hun werkgeluk, met een 4.4. op een schaal van 5. Echter zijn ze er minder tevreden over, een score 3.6. Dit thema veroorzaakt stress omdat het niet voldoet aan de verwachtingen. De stressoren op plek 2 en 3 zijn ‘waardering krijgen’ en ‘interne communicatie’.

4.     Werkdruk als reden voor negatieve én positieve stemmingen

Als medewerkers negatieve emoties ervaren tijdens werk, geven ze in 26% van de gevallen aan dat de oorzaak te maken heeft met werkdruk. Als zij zich gestrest voelen (specifieke emoties: gefrustreerd en gespannen), dan neemt werkdruk een nog groter aandeel in met 31%. Opvallend in de data is dat als werknemers een positieve stemming hebben de reden ook in 17% van de gevallen in de categorie werkdruk valt. Blij door werkdruk? Nee, dit blijkt te maken hebben met vooruitgang! Het wegwerken van werkdruk door planningen, doelen en deadlines te behalen.

5.     Gezondheidscheck voor werkgevers: de eNPS neemt weer af

De employee Net Promoter Score helpt om te peilen hoe goed het werkgeverschap van een organisatie is. Die toont namelijk aan hoeveel medewerker-promotors of detractors (‘criticasters’) een organisatie heeft. Promotors zouden hun werkgever aanraden aan anderen, detractors geven hun werkgever een onvoldoende.Tijdens de 1e coronapiek daalde het aantal detractors in Nederlandse organisaties met 9%, terwijl er 8% promotors bijkwamen. Deze waardering van medewerkers kan verklaard worden door de extra aandacht die zij kregen van hun werkgever. In de 2e coronagolf zien we weer een stijging van detractors (7%).

“Bevlogenheid daalt dit jaar en dat is zorgelijk. Want als de ingrediënten voor bevlogenheid en werkgeluk missen, ligt een burn-out op de loer. En dat is een risico voor de inzetbaarheid van je medewerkers. Het is begrijpelijk dat bevlogenheid niet nu al terug is op het niveau van vóór de coronacrisis. Maar dat betekent dat er juist nu, rondom de tweede golf, aandacht voor moet zijn.” – Nancy Peeters, initiafnemer Netwerk Werkgeluk.

Bron: Hr praktijk.

Gemiddelde pensioenleeftijd voor het eerst boven de 65 jaar

De gemiddelde leeftijd van de Nederlanders die met pensioen gingen, lag vorig jaar voor het eerst boven de 65 jaar. Dat blijkt uit maandag gepubliceerde gegevens van statistiekbureau CBS. Ruim 65 procent van de mensen die vorig jaar met pensioen gingen, was 65 jaar of ouder.

De gemiddelde leeftijd waarop mensen hun werkzame leven stoppen, stijgt al jaren. Zo lag de gemiddelde pensioenleeftijd in de eerste jaren van deze eeuw op ongeveer 61 jaar. Sindsdien neemt de gemiddelde leeftijd stelselmatig toe en is het vorig jaar uitgekomen op 65 jaar en 1 maand.

Oorzaak hiervan is onder meer dat werknemers door de overheid worden gestimuleerd om langer te blijven werken. Ook is de leeftijd waarop mensen AOW krijgen de afgelopen jaren stapsgewijs verhoogd. Vorig jaar was dat 66 jaar en 4 maanden.

Vorig jaar waren er in Nederland 3,2 miljoen gepensioneerden. Tussen 2001 en 2014 steeg het aandeel gepensioneerden in de totale bevolking van 15,1 naar 18,3 procent. Mede door de verhoging van de AOW-leeftijd is het aandeel gepensioneerden onder de bevolking vanaf 2014 stabiel.

Bron: Nu.nl

Hogere werkloosheid ondanks recordstijging van aantal banen

In het derde kwartaal zijn er 70.000 werklozen bij gekomen ten opzichte van het kwartaal ervoor, zo meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag. Een groter aantal mensen ging in het afgelopen kwartaal namelijk op zoek naar werk. In het derde kwartaal werd ook een niet eerder voorgekomen stijging van het aantal banen genoteerd.

Het aantal werklozen kwam in het derde kwartaal uit op 419.000, een toename van 70.000 vergeleken met een kwartaal eerder. Daarentegen steeg het aantal vacatures met 16.000, terwijl er in de eerste helft van het jaar nog sprake was van een afname van 86.000.

Het aantal banen groeide in het derde kwartaal met 164.000 vergeleken met het voorafgaande kwartaal, toen er juist 297.000 banen verloren gingen. De toename is een record, zo meldt het CBS. Al volgt dat op een recorddaling van het aantal banen een kwartaal eerder.

Vooral in de sector handel, vervoer en horeca, die bij het statistiekbureau in dezelfde categorie vallen, steeg het aantal banen. Ook in de zorg en in de zakelijke dienstverlening nam het aantal banen toe.

In het derde kwartaal zette tevens de daling van het aantal flexwerkers door. Het totaal kwam uit op 1,7 miljoen, 274.000 minder dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Het aantal mensen met een vast contract nam in die periode met 148.000 toe tot 5,7 miljoen.

Bron: Nu.nl

Ruim driekwart van de beroepsbevolking overweegt omscholing

Vanwege de impact van de corona maatregelen op onze economie voelt slechts 24% van de Nederlandse beroepsbevolking zich zeker van zijn baan. De resterende 76% wilt zich misschien of zeker omscholen.

Dit blijkt uit de Omscholen Poll van Nationale Beroepengids die al door ruim 2500 mensen is beantwoord.

Van de ondervraagden is 37 procent van plan om zich zo snel mogelijk om te scholen. Een kleine meerderheid van 39 procent zou zich willen omscholen wanneer dit nodig is. Slechts 24 procent verwacht geen omscholing nodig te hebben. In cijfers houdt dit in dat ongeveer 3 miljoen mensen zich zo snel mogelijk willen omscholen en nog eens bijna 3,5 miljoen mensen wanneer dit nodig zal worden. Is hiervoor wel voldoende capaciteit? Vrijwel ongetwijfeld niet.

Waar wel rekening mee gehouden moet worden is dat omscholen voor een grotere groep misschien ook een kleinere stap is dan verwacht. Misschien is het puur een extra vaardigheid opdoen, of een competentie aanleren. Wellicht is extra vakkennis ook voldoende. De soep wordt dus misschien niet zo heet gegeten en er zijn gelukkig ook verschillende initiatieven ontstaan.

Verschillende initiatieven voor omscholing

Toen de impact van de eerste lockdown zichtbaar werd dachten de mensen van Nationale Beroepengids na over de maatschappelijke gevolgen en de rol die ze daar in konden hebben. Zo ontstond het idee van de Omschoolwijzer, die in augustus 2020 live is gegaan. Deze omschoolwijzer geeft voor 2500 beroepen aan wat er nodig is bij omscholing tot dat beroep. Zo geeft het aan welke competenties je nodig hebt, wat voor persoonstypes bij een beroep horen en natuurlijk ook welke vakkennis erbij hoort.

Gelukkig zag de overheid deze ontwikkeling ook aankomen en kwam met de 'NL leert door' subsidie. Dit is een subsidie van €700 voor persoonlijk ontwikkeladvies met een loopbaancoach. Deze regeling was heel erg populair, in augustus 2020 hebben 22.000 mensen deze subsidie aangevraagd. Vanwege de grote vraag besloot de overheid om per 1 december weer 50.000 ontwikkeltrajecten ter beschikking te stellen.

Ook het UWV kwam met een hulpmiddel, de Overstapberoepen. Dit is een overzicht van 54 beroepen uit 16 sectoren waarin het op dit moment lastig is om werk te vinden. Ieder beroep geeft 5 voorbeelden van beroepen waar je naar zou kunnen overstappen.
Dit overzicht is gebaseerd op bij het UWV bekende overstappen die afgelopen jaren door werkzoekenden zijn gemaakt. De gekozen voorbeeldberoepen bieden op dit moment betere baankansen.

Wat is belangrijk bij omscholing naar een nieuw beroep?

Om een beroep te kunnen uitoefenen zijn er eigenlijk maar een paar basisvragen die beantwoord moeten worden. Kan ik het? Past het bij mij? Vind ik het leuk of interessant?

Bij de vraag 'Kan ik het?' is het in de huidige situatie misschien zelfs belangrijker om naar de benodigde competenties te kijken dan naar de vakkennis. Voor veel beroepen geldt dat je de vakkennis opdoet terwijl je het beroep uitoefent. Er is natuurlijk wel een basis nodig, vergelijkbare kennis, maar veel detailkennis kan men 'on the job' leren.

Bron: HR praktijk

Nederlandse organisaties scoren een 7,8 op goed werkgeverschap

Slechts vijf procent krijgt een onvoldoende

Nederlandse organisaties zijn goed voor hun werknemers: gemiddeld scoren ze een 7,8 als cijfer voor goed werkgeverschap. Dit blijkt uit onderzoek van Nextmoves, implementatiepartner van SAP SuccessFactors en SAP HCM, uitgevoerd onder ruim 300 HR-professionals. De meeste organisaties (39%) scoren een 8. Nog eens één op de vijf (22%) van de organisaties scoort zelfs een 9 voor goed werkgeverschap. Slechts vijf procent geeft hun organisatie een onvoldoende: variërend van een 1 tot een 5.

Eén op de vijf bedrijven neemt geen medewerkerstevredenheidsonderzoek af

Ruim een op de vijf (22%) organisaties neemt nooit een medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) af. De organisaties die dit nooit doen, zijn voornamelijk organisaties met minder dan 20 medewerkers (37%). Van de organisaties die wel een MTO afnemen, doen de meeste (37%) dit jaarlijks. 14 procent van hen neemt een per kwartaal een MTO af.

Medewerkerstevredenheid speelt grote rol in toekomst HR-afdeling

De medewerkerstevredenheid zal een grote rol spelen in de toekomst van de HR-afdelingen. Zo geeft drie op de tien (30%) HR-professionals aan dat de focus van de HR-afdeling de komende tien jaar zal liggen op het meten van medewerkerstevredenheid bij verschillende touchpoints. Bijvoorbeeld na een sollicitatiegesprek, training of beoordelingsgesprek. Nog eens 20 procent van de HR-professionals geeft aan dat de focus zal liggen op het optimaliseren van de employee experience. Het derde onderdeel dat veel focus zal vragen van de HR-afdeling heeft niet direct met medewerkerstevredenheid te maken. Zo geeft 19 procent aan dat de focus de komende tien jaar zal liggen op het automatiseren van de HR-administratie.

Jeroen de Bruijn, Manager Sales bij Nextmoves: “Dat 19 procent aangeeft dat er voornamelijk focus komt op het automatiseren van de HR-administratie lijkt in eerste instantie niet aan te sluiten op de focus op de medewerkerstevredenheid en employee experience. Toch heeft het wel met elkaar van doen. Wanneer de HR-administratie geautomatiseerd wordt, komt er namelijk tijd vrij bij de HR-professionals om meer te kunnen focussen op de medewerkers. Daarmee komt er ook ruimte voor de medewerkerstevredenheid, de employee experience en het managen van talent en ontwikkeling.”

Bron: Nextmoves

Oplopend quarantaineverzuim: Werkgevers voelen zich dubbel gedupeerd

Steeds meer werknemers kunnen niet komen werken vanwege quarantaine. Werkgevers moeten de betreffende werknemers doorbetalen maar kunnen geen beroep doen op de verzuimverzekering. Volgens AWVN speelt dat steeds meer bedrijfstakken parten zo meldt Nu.nl.

Werkgevers kunnen alleen een beroep doen op de verzuimverzekering als een werknemer echt ziek en ziekgemeld is. Niet als een werknemer verplicht in quarantaine moet.

Het zogenaamde quarantainegerelateerde verzuim speelt steeds meer in het mkb en de industrie zo geeft een AWVN-jurist Jan Mathies aan bij Nu.nl. "Als je pech hebt, moet je je werknemers een paar keer missen, omdat ze meermaals meldingen krijgen via de corona-app. En hoelang zal deze situatie nog duren?"

Volgens vakbonden CNV en FNV blijkt uit een groeiend aantal meldingen dat meerdere werkgevers in Nederland hun personeel afraden de CoronaMelder te installeren zo meldt Trouw.

Bron: HR praktijk

Nationale corona onderzoek: maatwerk is noodzaak

Corona beïnvloedt al ruim een half jaar ons werk. Thuiswerken, online meetings, collega’s missen en organisaties die amper het hoofd boven water houden. Recente Motivaction resultaten tonen dat verschillen tussen medewerkers groter worden. Zo valt het langdurig thuiswerken de een zwaarder dan de ander, is het gemis van collega’s bij jongeren het grootst, gaat de samenwerking met collega’s vooral onder hoger opgeleiden niet altijd goed en hebben met name mannen moeite om zich thuis te concentreren. Maatwerk is dus noodzakelijk om medewerkers, ook op afstand, betrokken te houden.

Samen met Motivaction doet PROOF continu onderzoek naar hoe medewerkers én werkgevers het werken in tijden van corona ervaren. Zo houden we een vinger aan de pols en vragen we waar medewerkers en werkgevers tegen aan lopen en waar zij behoefte aan hebben.

Balans zoeken in communicatie met leidinggevenden en medewerkers

Meer dan ooit is interne communicatie belangrijk om het bedrijf bij elkaar te houden. En om medewerkers aan de gang te houden.

Hulp bij interne communicatie

Het betrekken van medewerkers bij het waarmaken van de ambities van je organisatie is normaal gesproken al lastig. Maar op afstand nog veel ingewikkelder. Het vraagt inzicht in de wensen van leidinggevenden en medewerkers, het vraagt om de juiste balans te vinden in communicatie en het vraagt ook om persoonlijke communicatie.

‘Dat wat normaal al geldt, geldt nu nog veel meer. Communicatie is key’, aldus Sascha Becker, Head of Strategy en auteur van het boek de employee journey. ‘De cijfers van Motivaction zijn duidelijk en geven een helder beeld. Maar uiteindelijk verschilt het natuurlijk per organisatie hoe je impact kunt realiseren. We zien mooie initiatieven: van wekelijkse webinars tot hart-onder-de-riem activaties. Het is zaak om oprecht aandacht te besteden aan het welzijn van mensen en dat te blijven doen. Normaal al lastig, maar nu nog veel moeilijker.’

Wat kun je doen?

Wat nu nodig is, is de juiste communicatie: dat vraagt om inzicht, creativiteit en consistentie. Het meenemen, luisteren naar en betrekken van medewerkers staat voorop.

Bron: HR praktijk

Leidinggeven tijdens corona: meer coachen, minder leiden

De coronacrisis heeft de rol van leidinggevenden veranderd. Zo zijn de rollen van de leidende en de organiserende manager afgenomen met 6 en 7 procent. Rollen waar meer focus op gekomen zijn: de coachende en de ondernemende manager. Respectievelijk zijn deze toegenomen met 3 en 16 procent.

Dit blijkt uit Het Nationale Management Onderzoek, uitgevoerd door ISBW onder ruim 1.200 werkenden in loondienst. Bijna de helft (48%) van de werkenden heeft het gevoel dat zijn manager hem vertrouwt dat hij thuis net zo hard werkt als op kantoor. Het is één op de zeven (15%) werknemers die dit gevoel niet heeft, de rest is neutraal.

Behalve dat managers niet kunnen controleren hoe hard medewerkers werken, vraagt het thuiswerken ook om een bepaalde zelfstandigheid van medewerkers, nu de manager niet altijd daar is om vragen aan te stellen. Die zelfstandigheid doet een kwart van de medewerkers goed: zij bloeien er door op. Tegelijk heeft ruim één op de tien er last van dat hij nu niet direct vragen kan stellen aan zijn manager: deze groep wordt extra onzeker door de zelfstandigheid.

Bron: HR praktijk

Medisch advies bedrijfsarts leidend voor RIV-toets vanaf 1 september 2021

Vanaf 1 september 2021 wordt het medisch advies van de bedrijfsarts leidend bij de toets op het re-integratieverslag (RIV-toets) door UWV. Hierdoor zijn loonsancties op basis van medisch verschil van inzicht tussen de bedrijfsarts en verzekeringsarts niet meer mogelijk. Deze wetswijziging biedt werkgevers meer zekerheid over de loondoorbetalingsverplichting bij zieke werknemers. Daarnaast gaan met name kleine ondernemers profiteren van een tegemoetkoming voor de kosten van loondoorbetaling bij ziekte.

Werkgevers zijn op basis van de Wet verbetering poortwachter verplicht het loon van een zieke werknemer de eerste twee jaar voor het grootste deel door te betalen. Daarnaast geldt een re-integratieplicht om werknemers weer terug aan het werk te krijgen. Deze verplichtingen vormen voor veel kleine ondernemers een drempel om werknemers aan te nemen. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en werkgeversorganisaties hebben daarom afspraken gemaakt die het makkelijker, duidelijker en goedkoper maken om loon door te betalen bij ziekte.

Bedrijfsarts wordt leidend

Onderdeel van de afspraken is dat dat het advies van de bedrijfsarts over de belastbaarheid van de werknemer leidend wordt bij de toets op de re-integratie inspanningen (RIV-toets) door UWV. Werknemers behouden daarbij de mogelijkheid van een second opinion door een andere bedrijfsarts of een deskundigenoordeel van UWV. De arbeidsdeskundige van UWV beoordeelt of werkgever en werknemer de re-integratie-inspanningen hebben gepleegd die passend zijn bij het advies van de bedrijfsarts over de belastbaarheid van de werknemer. De verzekeringsarts zal dit advies niet langer beoordelen. Werkgevers lopen hiermee niet meer tegen loonsancties aan als gevolg van een medisch verschil van inzicht tussen de bedrijfsarts en de verzekeringsarts.

Bron: HR praktijk

Compensatie Regeling Transitievergoeding

Met de Regeling compensatie transitievergoeding wordt de werkgever vanaf 1 april 2020 gecompenseerd voor de betaalde transitievergoeding. Daarmee wordt voorkomen dat werkgevers te maken krijgen met dubbele kosten na 2 jaar loon doorbetalen aan zieke werknemers. Met deze regeling wordt ook voorkomen dat werkgevers het dienstverband na 2 jaar ziekte niet beëindigen ter voorkoming van de betaling van de transitievergoeding. De compensatieregeling is van toepassing op transitievergoedingen die op of na 1 juli 2015 zijn betaald.

Explosieve toename ziekteverzuim door onzekerheid vanwege corona

Arbo Unie signaleert een sterke toename van ziekmeldingen ten opzichte van vorige jaar in alle economische sectoren, ook in branches waar mensen vooral thuiswerken. Eerder dit jaar leidde thuiswerken juist tot opvallend lage verzuimcijfers.

De uitzichtloosheid van de corona crisis en de onzekerheid die dat met zich meebrengt, zijn volgens de Arbo Unie een reden voor somberheid en stress. Dit uit zich in een stijgend aantal ziekmeldingen. Werknemers en bedrijven zijn somber gestemd en dat is terug te zien in het stijgend aantal ziekmeldingen.

Dat concludeert Arbo Unie op basis van de laatste verzuimcijfers, die een piek laten zien in de laatste week van september. De toename is in bepaalde sectoren (denk aan retail, horeca) niet verrassend, aangezien mensen met een verstopte neus zich nu moeten laten testen voor ze weer aan het werk mogen. Het aantal ziekmeldingen bij de overheid, financiële instellingen en in de ICT branche nam echter ook flink toe, terwijl in deze sectoren veel thuis wordt gewerkt. Een verkoudheid is dan niet per se een reden voor ziekmelding.

Nieuwe maatregelen vallen zwaar

Arbo Unie merkt dat de nieuwe maatregelen van eind september zwaarder vallen dan de eerdere maatregelen. Dat thuiswerken zowel op fysiek als sociaal vlak ongezond is, was al bekend. Gebrek aan duidelijkheid speelt volgens de arbodienst echter ook een grote rol bij de huidige toename van ziekmeldingen. Prof. dr. Roelen, bedrijfsarts bij Arbo Unie en hoogleraar Verzuim en Werkfunctioneren aan de Rijksuniversiteit Groningen: “Tijdens de eerste lockdown was iedereen nog vol goede moed, nu vragen mensen zich af hoe lang dit nog gaat duren. Maanden? Een jaar? Jaren?” Mogelijk speelt ook mee dat mensen, meer dan in het voorjaar, bang zijn om besmet te raken met het coronavirus. Vanwege de ziekte zelf, maar ook omdat de diagnose beladen is. Roelen: “We merken dat de omgeving van mensen vaak heftig reageert op een positieve test uitslag. Er is een soort collectieve schrikreactie, terwijl veel mensen goed herstellen van het virus.”

Roelen zag dit jaar al eerder opvallende cijfers op het vlak van ziekmeldingen. “Eerder dit jaar piekten de ziekmeldingen in maart, maar zagen we juist historisch weinig ziekmeldingen tijdens de lockdown die volgde in april en mei. Vermoedelijk omdat thuisblijven toen al een feit was en de economische onzekerheid bovendien een dempend effect op de ziekmeldingen had. Als mensen vrezen voor hun baan melden ze zich niet zo snel ziek.”

Invloed bedrijfsleven

Volgens Arbo Unie zou de overheid een grote rol kunnen spelen in het terugdringen van het ziekteverzuim door een duidelijk perspectief te bieden, bijvoorbeeld een routekaart, zoals de overheid nu voorstelt die aangeeft welke maatregelen gelden bij welke aantallen coronabesmettingen. Ook het bedrijfsleven kan invloed uitoefenen door in gesprek te blijven met werknemers. Niet alleen met degenen die door ziekte niet kunnen werken, maar ook met de mensen die zich zorgen maken als gevolg van de crisis. Roelen: “Zoek als bedrijf niet naar makkelijke oplossingen, maar luister naar ervaringen van werknemers en probeer daar oplossingen uit te halen. Toon oprechte interesse in hoe het met werknemers of collega’s gaat. Onzekerheid en sociaal isolement zijn, zonder extra aandacht voor elkaar, de basis voor somberheid. Juist nu is de verbinding met elkaar, in het werk en in de samenleving van groot belang.”

Bron: HR praktijk